So!Innovatief

Volgens het agendaoverzicht van Technologiecentrum Noord-Nederland (TCNN) vindt volgende maand een bijeenkomst plaats getiteld “So!Innovatief – de kracht van sociale innovatie”. Geen idee wat organisaties in Noord-Nederland verstaan onder sociale innovatie, vorig jaar bezocht ik in het kader van de kijkdagen “Europa om de hoek” Kenniscentrum Sociale Innovatie van Stenden Hogeschool en ik weet het nog steeds niet. Komende jaren stromen veel oudere werknemers uit en wat je natuurlijk niet wilt is dat cruciale kennis met de mensen het bedrijf verlaat. Maar ja, hoe vang je deze persoonsgebonden kennis?

In de eerste helft van de jaren negentig van de vorige eeuw verscheen het boek “The Knowledge-Creating Company” over hoe Japanse bedrijven innoveren. Centraal thema is hoe je “tacit knowledge” expliciet krijgt. In mijn Nederlandstalige exemplaar, voor een zacht prijsje ergens in Leeuwarden gekocht, wordt gesproken over persoonsgebonden kennis. Sommige kennis kun je vangen in woorden, formules, schema’s, e.d. en voor dergelijke kennis kan een organisatie een wiki inzetten. De bekendste wiki is natuurlijk Wikipedia, te raadplegen voor een omschrijving van het begrip “tacit knowledge”. Andersoortige kennis van meer ambachtelijke aard laat zich moeilijker vangen en voor die situaties is een meester-gezel uitvoering meer op z’n plaats.

Bedrijven die afhankelijk zijn van moeilijk overdraagbare persoonsgebonden kennis gaan lastige tijden tegemoet omdat ze mogelijkerwijs al te laat zijn met het expliciet maken van die “tacit knowledge”. Andere bedrijven doen er verstandig aan als de bliksem een stukje gereedschap als een interne wiki te installeren.

Door noordelijke kennisinstellingen(!) en TCNN wordt gesuggereerd alsof dit allemaal nieuw is, een sociale innovatie. In werkelijkheid wordt er met bestaande kennis al geruime tijd niks gedaan. Vermoedelijk kennen de dames en heren die zich bezighouden met sociale innovatie het boek “The Knowledge-Creating Company” niet eens. Volgende maand komen ze bijeen in een ouderwets gezellig theekransje. Zooo… innovatief!

 

16 May 2012
By on 17:09
Europese subsidies effectief?

Europa als abstractie leeft geweldig, Europa om de hoek duidelijk minder. In het kader van de kijkdagen “Europa om de hoek” was ik een van de tien bezoekers van de demosite op de rioolwaterzuiveringsinstallatie (rwzi) van Wetterskip Fryslân in Leeuwarden. Wie gaat er dan ook een kijkje nemen waar nauwelijks iets te zien is? Schijn bedriegt. De Europese subsidies zijn bedoeld ter versterking van de economische structuur. Bedrijven leveren producten en diensten en na de toekenning van subsidie moeten ze dat structureel beter kunnen dan voor die tijd. Bij elk te bekijken project zou je je kunnen afvragen:”Wiens verdienvermogen wordt versterkt?”

Het waterschap van Friesland zuivert het rioolwater voordat het op het oppervlaktewater wordt geloosd. De achterblijvende vaste deeltjes vormen het afvalwaterslib dat in het verleden probleemloos bij boeren over het land uitgereden kon worden. Tegenwoordig mag dat niet meer en wordt afvalwaterslib als afval aangemerkt. Afval moet tegen betaling door anderen worden verwerkt en daar is jaarlijks 10 miljoen euro op een begroting van 100 miljoen euro mee gemoeid. Een technologie waarmee de hoeveelheid slib met enkele tientallen procenten kan worden verminderd is welkom en komt de inwoners van Friesland ten goede. Op de demosite kunnen watertechnologiebedrijven hun techniek op een grotere dan laboratoriumschaal testen en demonstreren aan potentiële klanten waarmee ze hun kansen op een succesvolle marktintroductie kunnen vergroten. Wetterskip Fryslân zou in voorkomende gevallen als een zogeheten launching customer kunnen optreden. Medewerkers belast met de exploitatie van de demosite verwachten dat na afloop van de subsidietermijn de site zonder subsidie verder kan. Een marktpartij zou de demosite niet begonnen zijn, er is dan een rol voor de overheid weggelegd en een subsidie kan dan de boel op gang brengen. Van de demosite kunnen zowel bedrijven als de inwoners van Friesland via hun waterschap (financieel) wijzer worden, subsidieverstrekking volgens het boekje.

Voor de uitbreidingsplannen Vijversburg in Tytsjerk was meer belangstelling ook al viel daar konkreet niets te zien, behalve planschetsen. Geen project waarbij je de vraag moet  stellen:”Wiens verdienvermogen wordt versterkt?” Geen project waarbij de economische structuur wordt verbeterd, wel een mooi plan passend bij het project Leeuwarden Cuturele Hoofdstad 2018. Je kunt zien wat je krijgt en dat kun je van Leeuwarden CH 2018 vooralsnog niet zeggen. Een stichting trekt de kar en steekt ook eigen geld in het project. Naar verwachting start de uitvoering in 2013 en moet de “Dwaalster” in 2014 zijn gerealiseerd. Subsidies zijn op z’n plaats, het resultaat wordt iets moois waar veel mensen lange tijd plezier aan zullen beleven. Natuurlijk even gevraagd hoe ze op het idee kwamen: er deed zich een kans voor en die hebben ze gegrepen. Letten de dames en heren raadsleden even op?

Als ik deze twee projecten vergelijk met die van Kenniscentrum Sociale Innovatie van Stenden Hogeschool vorig jaar waarvan ik nog steeds niet weet wat het heeft opgeleverd, dan ben ik geneigd te zeggen dat je projecten met uitsluitend publieke partijen moet zien te vermijden. Ambtelijke typen hebben niet zelden het beste met de medemens voor, maar een en ander praktisch in het vat gieten is een ander verhaal. Publiek-private samenwerkingen waarbij geld van private partijen in het geding is hebben de grootste kans om met (Europese) subsidie resultaat te boeken.

12 May 2012
By on 18:01
Einde der tijden

Altijd is er wel ergens in de wereld iemand die denkt dat het einde der tijden nabij is. Dit einde-der-tijden denken is kennelijk van alle tijden. Ik geloof niet dat het einde der tijden nabij is, maar het einde van dit weblog is wel nabij. Op 13 september 2005 verscheen het eerste stukje, dit is de achthonderdste en met dank aan mijn nog immer actieve vaste commentator zijn er nog meer reacties. Na twee conversies naar WordPress nu zijn alle statistieken verdwenen en kan ik slechts vaststellen dat ik in ieder geval twee lezers heb. Waardeloos dus en vandaar mijn voornemen bij het duizendste stukje op deze plaats te stoppen.

Bovendien begin ik de kenmerken van een kapotte grammofoonplaat te vertonen. Het riedeltje verloopt ongeveer als volgt. We staan aan de vooravond van een unieke gebeurtenis genaamd vergrijzing én ontgroening. Niemand weet hoe een en ander gaat verlopen, bewezen oplossingen voor komende problemen bestaan niet en zullen eenmalig zijn. Wel zeker is dat over een tijdje minder mensen het werk moeten doen en dat na 2020 nieuwe producten en diensten geld in het laatje moeten brengen om de welvaart op peil te houden. Je zou verwachten dat babyboomers – ik ben er niet eentje – als een speer investeren in het verdienvermogen van jongere generaties, zij gaan de gevolgen als eerste merken wanneer jongeren de vereiste welvaart niet weten te genereren. Ik bespeur nog geen gevoel van urgentie.

In plaats van meer van hetzelfde voor buren om de hoek moeten er op (nieuwe) kennis gebaseerde producten voor mensen elders in de wereld komen. Dat kost (ontwikkel)tijd. Gelukkig is er een begin gemaakt met de fysieke watercampus, maar dat is nog lang niet voldoende. De kenniscampus is nog niet af en we hebben in Leeuwarden nog steeds geen FabLab (Fabrication Laboratory). Weliswaar merken we van de uitstroom van babyboomers nog niet veel omdat de eerste jaargangen voor het grootste deel al niet meer werken, de komende jaren wordt een ander verhaal. Er is niet veel tijd meer om een basis te leggen waarop niet-babyboomers verder kunnen bouwen. Ik durf de stelling aan dat wat de komende jaren wel of niet gebeurt, bepaalt of er in de toekomst sprake is van een levendig Leeuwarden of een welhaast levenloos Leeuwarden.

Bij de duizendste editie van dit weblog zal blijken hoe de vlag erbij hangt. Veel ruimte om zonodig bij te sturen is er dan niet meer en ga ik mij derhalve ook niet meer druk maken. Gaat alles een beetje naar wens dan is het geen einde der tijden maar het begin van andere tijden.

 

9 May 2012
By on 17:15
Culturele Hoofdstad 2018 — Glazen huis transparant

Geweldig natuurlijk dat het Glazen Huis eind 2013 in Leeuwarden neerstrijkt. De gemeente Leeuwarden draagt 180.000 euro bij in de productiekosten waarvan het resultaat overwegend bij de lokale middenstand terecht komt en gelukkig maakt niemand daar een punt van. Een koopje. Stel iets vergelijkbaars voor met wat hogere bedragen voor het project Leeuwarden Culturele Hoofdstad 2018 en het huis is te klein. Rondom Leeuwarden wordt voor 750 miljoen euro geïnvesteerd in harde infrastructuur zoals wegen, bruggen en aquaducten, je ziet wat je krijgt maar wat je er op termijn aan hebt is mij niet helemaal duidelijk.

Over een tijdje moeten als gevolg van vergrijzing én ontgroening minder mensen het werk doen en na 2020 moeten nieuwe producten en diensten geld in het laatje brengen. Zachte infrastructuur in de vorm van kennis en vaardigheden is belangrijker voor de toekomst dan harde infrastructuur. De kunst is om die vaardigheden te benoemen. Bijvoorbeeld: ik ben goed in het schrijven van lullige weblogstukjes om bestuurders en beleidsmakers in de zeik te zetten. Geen vaardigheid om geweldig trots op te zijn, het zijn evident sukkels dus het gaat welhaast vanzelf. Het proces is volkomen transparant en het resultaat is voor iedereen zichtbaar. Konden de mensen van het project CH 2018 hun inspanningen en doelen maar zo eenduidig benoemen.

De onduidelijkheid over de bestedingen in het voortraject belasten de besluitvorming op een vervelende wijze. Weliswaar verlopen dit soort projecten nergens van een leien dakje, maar wanneer ook nut en noodzaak van CH 2018 door menigeen wordt betwist dan wordt het wel erg lastig enthousiast te blijven. Goed beschouwd is er niks aan de hand: Leeuwarden stelt zich kandidaat en wint de hoofdprijs, of niet. In het laatste geval is het einde oefening, in het eerste geval hebben de plannen daadwerkelijk iets om het lijf en is het zaak de uitvoering goed aan te kleden. Het huidige projectmanagement overtuigt in ieder geval niet. Politici doen er dan ook verstandig aan  de club rond CH 2018 te vragen hoe zij de toekomst zien bij het eventueel winnen van de hoofdprijs. Volksvertegenwoordigers worden geacht te sturen op hoofdlijnen, de inhoud van het bidbook wordt door anderen beoordeeld, en de juiste kaders te formuleren.

Onbedoeld wordt nut en noodzaak van CH 2018 duidelijk gemaakt. Bij harde infrastructuur is helder wat je krijgt, bij zachte infrastructuur is dat minder duidelijk. Wat willen we als regionale samenleving? Als cultuur een vorm van mentale programmering is over hoe om te gaan met anderen, andere dingen, ruimte en tijd dan maakt het omvallen van een regionale bank duidelijk dat je van een onhandige (bedrijfs)cultuur economisch veel last kunt hebben. Vooralsnog hebben de culturele ideeën van de club CH 2018 over hoe om te gaan met publieke middelen de transparantie van een beslagen glazen huis.

 

5 May 2012
By on 15:57
Technologisch al droog achter de oren?

Ik had graag de rijkste vrouw van Duitsland aan de haak willen slaan. Het is het Friese bedrijf Paques uit Balk deels gelukt: ze is minderheidsaandeelhouder geworden. Destijds voorpaginanieuws in de regionale media, ik zal toch eens vragen hoe je zoiets aanpakt. Ook inmiddels rijke mensen willen rendement boeken en ik begrijp dat Paques in beeld kwam vanwege de visie van het bedrijf op een “biobased economy”. Zo’n bedrijf moet als stad aan je binden en dat is deels gelukt. De gezamenlijke onderneming Paqell ( www.paqell.com ) van Paques en Shell is op papier al in Leeuwarden gevestigd, nu nog fysiek.

Met mijn middelbare schoolscheikunde kan ik niet goed beoordelen wat dat bedrijf precies doet. Maar goed dat ze hiervoor geen subsidieaanvraag indienen bij de ambtenaren van de gemeente Leeuwarden want dat wordt wegens een gebrek aan relevante kennis lastig te beoordelen. Ervaring met het ontstaan van watertechnologie-instituut Wetsus leert dat je voortdurend moet aansluiten bij de belevingswereld van bestuurders en beleidsmakers juist vanwege het gebrek aan affiniteit met technologie. Dus nooit eens iets leuks met, zeg, nanotechnologie. Dat kunnen we niet plaatsen. Doei! Voor de toekomst best wel een zorgelijke ontwikkeling. De provincie en de stad zouden een CTO, Chief Technology Officer, moeten hebben. Je moet toch ergens van dromen.

In het algemeen heb ik geen hoge dunk van de projecten van de NOM (Noordelijke ontwikkelingsmaatschappij). Veelal goed bedoeld, maar ook die organisatie ontbreekt het aan echte technologiekennis. Wat te denken van een initiatief genaamd Dutch Drying Institute? Op de vernieuwde website van de NOM word je niet echt wijzer, dus een zoekmachine geactiveerd. Ik zou zeggen vorm uzelf een beeld op http://www.solidsprocessing.nl/magazine/2012/SP2012-1p42.pdf . Er bestaat kennelijk een document waaruit de haalbaarheid van een Dutch Drying Institute (DDI) zou blijken, maar ik ken het niet.

In Friesland zie je hier en daar nog grasdrogerijen. Het kost geweldig veel energie om water aan gras te onttrekken zodat het langer bewaard kan worden. In Leeuwarden staat een fabrikant van zuivelproducten die in poedertorens water aan melk onttrekt zodat de melkpoeder langer houdbaar is en gemakkelijker getransporteerd kan worden. Ook al zou zo’n DDI maar één arbeidsplaats opleveren dan zou ik toch binnen de gemeentegrenzen willen hebben. Wanneer je door het bundelen van kennis kunt bewerkstelligen dat producten met minder energie en goedkoper geproduceerd kunnen worden dan heb je wat mij betreft een maatschappelijke verantwoordelijkheid daar iets mee te doen. Nu nog even afwachten of een en ander aansluit bij de belevingswereld van bestuurders en beleidsmakers, die zijn in technologisch opzicht nog niet helemaal droog achter de oren.

 

2 May 2012
By on 17:19
Culturele Hoofdstad 2018 — Wiens feestje?

Ook bij mij in de straat leeft het project Culturele Hoofdstad 2018 niet. Dat komt voor een deel vanwege de aanwezigheid van studenten van uiteenlopende nationaliteiten. Een soort van culturele hoofdstraat. Meertaligheid is de norm, vanwege het methadonverstrekkingspunt om de hoek is enige kennis van onsamenhangend Nederlands ook wel handig. Politiek actief geweest, dus dat is geen probleem.

Een project dat geweldig leefde onder de Leeuwarder bevolking was het Nieuw Zaailand. Op enig draagvlak kon het niet rekenen, eind 2013 biedt het onderdak aan het Glazen Huis. De uitverkiezing hield rechtstreeks verband met dat vernieuwde Zaailand. Onlangs een mooie foto op de voorpagina van de Leeuwarder Courant, het nieuwe onderkomen van watertechnologie-instituut Wetsus. Menig Leeuwarder heeft er nog nooit van gehoord en ook al is de bedrijvigheid rond watertechnologie nog pril, er zijn op dit terrein en dat van een “biobased economy” grote kansen. Vorig jaar richtten de kleine Friese multinational Paques uit Balk en de grote multinational Shell een gezamenlijk onderneming genaamd Paqell op. Statutair in Leeuwarden gevestigd gaat het zich ook fysiek op de watercampus vestigen wanneer Wetsus dat doet. De kogel is nu door de kerk en dan bedoel ik niet de Johannes de Doperkerk, de broedplaats voor startende watertechnologiebedrijfjes. Nog minder bekend bij het grote publiek is University Campus Fryslân (UCF). Bij het startsymposium vorig jaar november spark de toenmalige president van de Koninklijke Nederlandse Academie voor Wetenschappen (KNAW) Robbert Dijkgraaf lovende woorden over dit initiatief, zijnde een netwerkuniversiteit. Tijdens de bedrijvencontactdagen in maart van dit jaar maakte een viertal kennisintensieve bedrijven uit Drachten bekend onder de paraplu van de UCF een programma te willen ontwikkelen voor onderzoek en ontwikkeling (R&D). Die hebben het potentieel van een netwerkuniversiteit in ieder geval begrepen.

Friesland heeft geen delfstoffen, zware industrie of een voor logistiek gunstige ligging. De producten van het land leveren weinig op, de enige resources zijn human resources en daar doen we te weinig mee. De provincie Friesland staat de komende jaren voor de uitdaging menselijk kapitaal te behouden, te werven en verder te ontwikkelen. Kennelijk is lang niet iedereen daarvan overtuigd want het kost veel te veel tijd en moeite om initiatieven als de UCF van de grond te krijgen. Sommige mensen vragen zich af of Leeuwarden CH 2018 een feestje moet worden voor de gewone man of een of andere elite. Wat mij betreft is die vraag contraproductief en niet getuigen van een samenhangende visie op Friesland en Leeuwarden. Anderen vragen zich af of LCH 2018 het meest geëigende instrument is om een gewenste cultuurverandering te realiseren. Een legitieme vraag, ik zou even niet weten hoe het anders moet. Er zijn mij geen alternatieven bekend.

Ik heb uit de regionale media begrepen dat de titel Culturele Hoofdstad pas echt blijvend iets oplevert wanneer het wordt ingepast in een samenhangende visie op de toekomst. Volgens mij doet de club rond het project daar alles aan. Lokale politici doen er verstandig aan die inspanningen te honoreren zodat Leeuwarden zich daadwerkelijk kandidaat stelt. Een Glazen Huis, maar dan een maatje groter. Dat is toch voor iedereen een feestje?

 

28 April 2012
By on 13:42
Culturele verscheidenheid

Hoewel voor regionale begrippen opmerkelijk is de teloorgang van de Frieslandbank als zelfstandige bank een klassiek geval. Bedrijven blijven zelden honderd jaar zelfstandig bestaan. Ook een bedrijf als IBM, onlangs het honderjarige bestaan gevierd met supercomputer Watson, legde bijna het loodje. Big Blue genoemd vanwege de blauwe pakken en de witte overhemden ging bijna kopje onder vanwege de toen heersende bedrijfscultuur. Uit reconstructies in de media heb ik begrepen dat de Frieslandbank wel tweehonderd jaar had kunnen worden als tijdig de bakens waren verzet. Wat bij IBM net goed ging, een tijdige aanpassing van de bedrijfscultuur, lukte bij de Frieslandbank om uiteenlopende redenen niet. Succes zit tussen de oren.

Iedereen die op meerdere plekken heeft gewerkt weet dat bedrijven en organisaties een eigen cultuur hebben. Ik kocht mijn exemplaar van “De bedrijfscultuur als ziel van de onderneming” met als ondertitel “Zin en onzin over cultuurverandering” bij de lokale boekwinkel tegenover het hoofdkantoor van de Frieslandbank. Ook al is informatie soms letterlijk om de hoek verkrijgbaar, dat is nog geen garantie dat die informatie wordt gebruikt. Vermoedelijk hebben ze bij de bank net als bij zoveel andere bedrijven geen weet van hun eigen cultuur. Onder (bedrijfs)cultuur verstaan we gemakshalve een vorm van mentale programmering over hoe om te gaan met anderen, andere dingen, ruimte en tijd. Organisaties kunnen leren hun cultuur te interpreteren en zonodig te veranderen. Gemakkelijk is dat doorgaans niet, er zijn altijd mensen die veranderingen niet zien zitten. Is de laatste groep groot dan loopt een bedrijf het risico het loodje te leggen. Op dit moment heeft het Amerikaanse bedrijf Kodak grote problemen om de overstap te maken van analoge naar digitale fotografie. De teloorgang van de Frieslandbank is echt niet typisch Fries.

Weliswaar kan de regionale samenleving niet failliet gaan, een dominante cultuur die niet is aangepast aan gewijzigde omstandigheden kan een gemeenschap behoorlijk economisch parten spelen. Alleen in Drenthe en Zeeland is het innoverend klimaat nog beroerder dan is Friesland. Welke factoren spelen hierbij een rol? Zijn er meer dan culturele factoren in het spel? Gelet op de toekomst waarbij nieuwe producten en diensten geld in het laadje moeten brengen is innoveren een cruciaal proces. Je zou verwachten dat de regionale overheden als een bok op de haverkist zitten. Misschien denken ze dat ook wel maar geven ze aan het fenomeen een net iets andere culturele interpretatie. En dan verbaasd zijn dat de regionale welvaart en werkgelegenheid tegen valt.

25 April 2012
By on 16:14
Ambtelijke armoede

Slimmer parkeren in Leeuwarden middels open data zit er als het aan het College van B&W van Leeuwarden ligt voorlopig niet in. Een initiatiefvoorstel hiertoe van een tweetal raadsleden kreeg een negatief ambtelijk advies: de ambtenaren willen eerst de resultaten van een onderzoek naar de mogelijkheden van open data afwachten. Een doorzichtige smoes om niks te willen doen. Raadsleden doen er verstandig aan dit waardeloze advies terzijde te leggen en het initiatiefvoorstel te honoreren.

Omdat open data en overheden een “moving target” is heb ik mijn radar afgestemd op http://radar.oreilly.com,een website waar regelmatig aandacht aan dit onderwerp wordt besteed. Bij de Amerikaanse uitgever O’Reilly met een fijne neus voor belangrijke trends verscheen onlangs een uitgave met de titel “Data for the Public Good. Data Holds Immense Potential to Help Citizens and Government”. Met zo’n inspirerende titel zou je verwachten dat het initiatief van de twee raadsleden dat geheel in overeenstemming is met een wereldwijde trend onmiddellijk omarmd zou worden. Niet in Leeuwarden.

Misschien dat de dames en heren ambtenaren eens een kijkje zouden kunnen nemen bij een radarinstallatie op vliegbasis Leeuwarden nu die nog open is. Zo’n installatie straalt energie in de vorm van elektromagnetische straling uit en als die straling als gevolg van, zeg, een overkomende Russische Black Bear wordt weerkaatst dan geeft dat informatie om passende activiteiten te ontplooien. Een radarinstallatie is een tamelijk passief apparaat maar vergroot aanzienlijk je blikveld. Je kunt dingen ontwaren die je zelf niet ziet. Voor veel dingen in het leven geldt dat je pas wijzer wordt wanneer je activiteiten ontplooit, er energie in stopt. Ambtenaren van de gemeente Leeuwarden hopen met niks doen wijzer te worden. Het resultaat van onderzoek naar de mogelijkheden van open data afwachten. Volgens mij kun je alleen achter de mogelijkheden van open data komen door ermee aan de slag te gaan. Niks afwachten: doen! Aldoende leert men is niet zonder reden een gevleugelde uitdrukking.

Op het economische radarscherm van de gemeente Leeuwarden willen maar geen bliepjes verschijnen: “Let op! Nieuwe kansen voor meer welvaart en werkgelegenheid!” Ambtenaren zitten naar een doods scherm te koekeloeren in afwachting van de resultaten van een onderzoek waaruit blijkt dat je eerst zo’n apparaat moet aanzetten voordat er gegevens verschijnen. Leeuwarder armoede als gevolg van ambtelijke armoede.

 

20 April 2012
By on 16:42
Europa om de hoek

Op de vernieuwde website van de NOM (Noordelijke ontwikkelingsmaatschappij), je zou bijna denken dat het nu een flitsende organisatie is geworden, viel onlangs een berichtje te lezen waarin werd gewaarschuwd voor een krimpende beroepsbevolking in Noord-Nederland. De ondergrens van de beroepsbevolking wordt gevormd door het aantal vijftienjarigen en die werden toch echt 15 jaar geleden geboren zodat iedereen al die tijd kan weten wat ons de komende jaren boven het hoofd hangt. Desondanks is het voor hele volksstammen nieuw(s). Niet voor iedereen natuurlijk, Stenden Hogeschool in Leeuwarden kreeg Europese subsidie voor een Kenniscentrum Sociale Innovatie om oplossingen aan te dragen.

Vorig jaar half mei konden mensen in het kader van kijkdagen “Europa om de hoek” een dag(deel) een kijkje nemen. Hoewel de lokale Huis aan Huis slechts twee dagen vantevoren het evenement aankondigde heb ik toch nog kans gezien er een kijkje te nemen. Per slot van rekening staan we aan de vooravond van een unieke gebeurtenis die vergrijzing én ontgroening heet, minder mensen zullen het werk moeten doen, en dan wil je weleens weten wat voor oplossingen er zijn bedacht. Destijds moesten ze nog bedacht worden en ik weet niet of het alsnog is gelukt iets te bedenken.

Volgens de website www.europaomdehoek.nl is er half mei weer een gelegenheid om gesubsidieerde projecten te bezoeken. Welke dat zijn is mij niet duidelijk, de lijst met projecten in Friesland is gedateerd. Er staan tal van projecten op die zijn afgelopen, waaronder die van Kenniscentrum Sociale Innovatie. Een nog wel lopend project waar ik nog nooit van had gehoord is Dryport (www.dryport.org). Ik ben benieuwd wat daar het nut van is, de provincie Friesland zal het als subsidieontvanger mij vast wel willen uitleggen in dat weekend.

Dus dames en heren autoriteiten:”Zou u in tegenstelling tot vorig jaar iets eerder bekend willen maken welke projecten bekeken kunnen worden?” Als ik de lijst met projecten in Friesland vergelijk met die in Groningen dan lijkt het erop dat voor die provincie Europa ietsje dichter om de hoek ligt dan hier. Maar dat kunt u mij  op 12 of 13 mei aanstaande vast wel duidelijk maken.

 

18 April 2012
By on 15:10
Culturele Hoofdstad 2018 — Eens in je leven

Goed beschouwd is het raadslidmaatschap van de gemeente Leeuwarden een hondenbaan. Terugkerende onderwerpen zijn o.a. onkruid en natuurlijk hondenpoep. Zo af en toe komt er iets groters voorbij, een aquaduct, een weg of een uitbreidingsplan. Hoewel de geschiedenis van Leeuwarden vergeven is van de uitbreidingsplannen die geen realiteit zijn geworden komen ze net als onkruid op gezette tijden tevoorschijn.

Ik kan mij een plan herinneren voor een fietsbrug ter afronding van de museumhaven. Welke haven? Er zou ten zuiden van Leeuwarden een geweldige woonwijk verschijnen en die brug zou het begin vormen van een fietsroute van het stadskantoor, via het station richting het zuiden. De fietsbrug is er niet gekomen, het plan is in het museum van beleidsvoornemens beland die een ding gemeenschappelijk hebben: groei en harde infrastructuur. De komende jaren krimpt de beroepsbevolking en na 2020 moeten nieuwe producten en diensten geld in het laatje brengen. Anticiperen of verschillende vormen van krimp en geen harde infrastructuur maar zachte infrastructuur.

In de Leeuwarder Courant van een tijdje terug liet de topman van een kleine Friese multinational op het gebied van watertechnologie naar aanleiding van het verdwijnen van de Frieslandbank weten dat een “biobased economy” kansen biedt. Die kansen moeten wel gegrepen (kunnen) worden en daarvoor is relevante kennis en ervaring nodig. Succesvolle projecten als parkeergarage Oldehoofsterkerkhof, zwembad Kalverdijkje en het provinciehuis en minder succesvolle projecten in Leeuwarden op het gebied van harde infrastructuur laten zien dat goed projectmanagement de sleutel tot succes is. Voor projecten op het gebied van zachte infrastructuur als kennis en cultuur geldt dit in verhoogde mate. Afgaand op berichtgeving op Liwwadders.nl heeft de stichting Culturele Hoofdstad 2018 wat dit betreft geen geweldig “track record” en dat moet wel veranderen.

Het verdwijnen van de Frieslandbank maakt hopelijk duidelijk dat geen enkele vorm van bestaande werkgelegenheid zeker is. Leuk of niet, er zal constant gewerkt moeten worden aan nieuwe werkgelegenheid. Dat vereist een heuse cultuuromslag. Het project Leeuwarden Culturele Hoofdstad 2018 kan als omslagpunt fungeren. Allereerst bepaalt de kwaliteit van de ingediende plannen of een stad Culturele Hoofdstad wordt. Win je uitverkiezing dan wordt je geacht dingen te organiseren die geld kosten, maar ook geld opleveren. Vooropgesteld dat je over adequaat projectmanagement kunt beschikken. Niet meedoen betekent niet dat het geld voor andere doeleinden beschikbaar komt zoals sommige mensen lijken te denken. Nog afgezien van het feit dat andere bestedingen in bijvoorbeeld harde infrastructuur zoals wegen geen welvaart en werkgelegenheid opleveren in een tijd waar kennis en vaardigheden de doorslag gaan geven.

Eens in je leven mag je als raadslid een besluit nemen over een project genaamd Culurele Hoofdstad 2018. Eindelijk eens een gewichtig besluit, eentje waarbij je een positieve wending kunt geven aan de toekomst van Leeuwarden. Je hoeft alleen maar het licht op groen te zetten voor verdere planvorming resulterend in een “bidbook” dat verdedigd kan gaan worden. Is het inhoudelijk niks dan bepalen externe partijen dat het verder niets wordt. Je hebt in ieder geval een poging gedaan. Als raadslid kun je ook nee zeggen. Wat mij betreft ben je dan die spreekwoordelijke Leeuwarder “loser”. Het is niks, en …

 

14 April 2012
By on 16:24